Lastige dochters van demente moeders

By 27 maart 2022april 15th, 2022Columns

Deze titel van een artikel 30 jaar geleden is mij al die jaren bijgebleven. Het kwam erop neer dat dochters, veel vaker dan zonen, zich identificeren met hun moeder. Bij het dementeringsproces zijn ze sneller geneigd om zich te verplaatsen in de ziekte van hun moeder en zich afvragen of zij ook het risico lopen zo te worden. Zonen daarentegen houden zich vooral bezig met de materiële (financiële) zaken van het opnameproces. Met de voortschrijdende dementie van hun moeder zijn dochters ook genegen om nog onbesproken zaken met hun moeder te bespreken. Zonen zouden dat veel minder hebben. Maar bovendien voelen dochters zich schuldig, omdat zij niet zelf de zorg voor moeder op zich hebben genomen en dan reageren zij dat af op de zorg. Dochters ervaren dus veel meer stress dan zonen.

Dat was 30 jaar geleden. Zo’n stereotypering en terminologie zonder wetenschappelijke onderbouwing zou anno 2022 publicatie niet meer halen.

Toch worden sinds de Coronapandemie meer kinderen van verpleeghuisbewoners als ‘lastig’ bestempeld door zorgmedewerkers. Ze bellen te vaak, ze kijken mee over de schouder, houden zich niet aan bezoekregelingen, houden zich niet aan voedingsadviezen en dreigen met indienen van klachten. Agressie door antivax-familieleden maakten we ook veel mee.

Waardoor vinden we meer kinderen lastig? Zijn ze lastiger of ervaren wij hen als lastiger?

Een deel van de verklaring is terug te vinden in de “Eindmeting impact Corona op verpleeghuismedewerkers”, UNO-UMCG en UNC-ZH nov.2021):

  • De pandemie heeft onder zorgpersoneel geleid tot meer werkdruk, mentale- en emotionele belasting;
  • Medewerkers ervaren uitputtingsklachten (30%), depressieve klachten (25%) en geven aan meer last te hebben van werkstress en moeite te hebben met hun functioneren;
  • Het onderzoek wees ook uit dat extramuraal de werkdruk nog hoger werd ervaren dan intramuraal;
  • Ten tijde van dit rapport was het ziekteverzuim in de sector 8%.

Daarnaast is achteraf (!) geconcludeerd door de overheid dat de verpleeghuiszorg ernstig is benadeeld bij de aanpak van de coronacrisis. Bij het aanbieden van het rapport van de Onderzoeksraad voor Veiligheid (OVV) over de aanpak van de coronacrisis tot september 2020 zei OVV-voorzitter Jeroen Dijsselbloem bij de presentatie van het rapport: ‘De bewoners en medewerkers in verpleeghuizen hebben in de beginperiode van de coronacrisis echt onvoldoende aandacht gehad. Daarbij zijn keuzes gemaakt die buitengewoon schrijnende gevolgen hebben gehad’. Hij sprak van een stille ramp.

Dus het is niet vreemd dat er door de bijzonder grote mentale en emotionele belasting zorgmedewerkers minder kritiek van buitenaf kunnen verdragen.

Terug naar de vraag of kinderen mogelijk ook lastiger zijn worden: De algemene maatschappelijke tendens met meer polarisatie, minder autoriteitsgevoel, zeggen wat in je opkomt en minder respect voor anderen speelt al enkele jaren. De Stichting Ideële Reclame (SIRE) spreekt over ‘onbewuste hufterigheid’. “Het gebeurt vaak niet eens expres”, zegt SIRE-directeur Lucy van der Helm tegen de NOS. “76% van de mensen vindt zichzelf heel aardig voor anderen, zo blijkt uit onderzoek. Maar onderzoek laat ook zien dat 49 procent van de Nederlanders vindt dat de samenleving polariseert en verhardt.

Dus ook in de verpleeghuizen zien we deze onbewuste hufterigheid terug. En niemand zal ontkennen dat hufterig gedrag per definitie lastig is.

Mijn conclusie is dus dat een klein deel van de kinderen van verpleeghuisbewoners zowel sneller als lastig worden ervaren alswel dat zij ook lastiger zijn geworden.

Wat kunnen we daaraan doen?

  • Veel zorginstellingen en zorgverzekeraars bieden allerlei cursussen en lifestyle interventies om de zorgmedewerkers weerbaarder te maken.
  • Zelfreflectie hoort bij een professionele attitude. Bovengenoemde rapporten van de UNO-UMCG en UNC-ZH en de OVV bieden herkenning en steun. Zorgverleners moeten signalen herkennen van hun eigen toegenomen kwetsbaarheid. Intervisies kunnen daarbij een hulpmiddel zijn.
  • Analyseer waar het als lastig ervaren gedrag door is ontstaan. Wat zit er achter het lastige gedrag? Zit er een vraag achter? Hoe gaat het met de mantelzorger zelf?
  • Hufterig gedrag is nimmer acceptabel maar weerbaarheid tonen tegenover dergelijk gedrag vergt vaak wel enige training (b.v. de-escalerende gesprekstechnieken).
  • Kijk ook kritisch naar waar gepaste bezorgdheid van familieleden overgaat in wat we als ontspoorde mantelzorg kunnen beschouwen (is wat familie vraagt niet te veel voor hun dierbare). Is de vraag van de familie nog wel in het belang van het welzijn van hun dierbare?
  • Organiseer familie-avonden om voorlichting te geven over kwesties waar familieleden mee worstelen.
  • Ontwikkel een aanbod van systeemtherapeuten in de instellingen.

Systeemtherapie in de verpleeghuizen is nog niet overal ingeburgerd. Er is echter grote behoefte aan. Dat blijkt vooral uit de rapporten van het Centrum voor Consultatie en Expertise (CCE). Het lukt lang niet altijd om problemen rondom een cliënt met alleen interventies op de cliënt aan te pakken. Vaak is de omgeving een belangrijke factor om het probleem aan te pakken.

Bij familieleden van verpleeghuisbewoners spelen vaak onbewuste belangen van hun kinderen een rol. De systeemtherapeut spreekt van “veelzijdige partijdigheid”. Dit laatste is een begrip uit de contextuele psychologie waarbij gelet wordt op meerdere kanten van de waarheid en erkenning geven aan iedereen die in een relationeel conflict betrokken is. De systeemtherapeut spant zich in om inzicht te geven in de emoties, loyaliteiten, balansfactoren, motieven en belangen van familiesystemen van oudere cliënten. Want niet-herkende rolverandering speelt heel vaak een cruciale rol in de onbewuste stress die kinderen ervaren bij de zorg rond hun demente ouder. Maar ook het opzeggen of verkopen van de ouderlijke woning, de erfenis, wie van de kinderen de meeste tijd aan de ouder met dementie besteedt; het kunnen allemaal factoren zijn waardoor reacties als lastig ervaren worden.

Ik heb geen belangen bij een cursusorganisatie, maar toch zou ik een dikke aanbeveling om cursussen “Familiesystemen van ouderen” van psychologen met zeer ruime ervaring in de ouderenzorg te volgen. Eén van de psychologen die zo’n cursus verzorgt heeft enkele jaren geleden zelf op een congres gesproken over haar rol als lastige dochter. Over zelfreflectie gesproken!

Column door: Drs. K. Kamperman (Karel), specialist ouderengeneeskunde en sociaal geriater. Met een geruime ervaring binnen de ouderenpsychiatrie en ouderengeneeskunde is hij niet alleen een begenadigd arts, maar krijgt ook veel waardering als docent, opleider en auteur.

Wil je op de hoogte gehouden worden als er een nieuwe column uit komt? Schrijf je dan in voor de ZBVO nieuwsbrief!