Column door: Drs. K. Kamperman (Karel), specialist ouderengeneeskunde en sociaal geriater. Met een geruime ervaring binnen de ouderenpsychiatrie en ouderengeneeskunde is hij niet alleen een begenadigd arts, maar krijgt ook veel waardering als docent, opleider en auteur.


In 2018 lanceerde het Ministerie van VWS het actieplan “Ontregel de Zorg”. Dat document heeft op de voorkant een gedichtje van Stef Bos dat “Het Roer moet om” heet en het dateert eveneens uit 2018:

Voorbij de grens
Van wat wij denken
Voorbij de grens
Van wie wij zijn
Voorbij onszelf
En wat we kennen
Een and’re wereld
Een nieuwe tijd

Vorig jaar vulden we massaal enquêtes in over de regeltjes waar wij last van hadden. We tekenden petities van de SP en onze beroepsverenigingen om de regeldruk te verlagen. De overheid kwam met het project “Waardigheid en Trots” en met welzijnsgelden waardoor middelen beschikbaar kwamen om de kwaliteit te verbeteren. Er kwam met dat geld meer ondersteuning op de werkvloer en een diverser palet aan medewerkers zoals beweegagogen, sensorische informatie therapeuten, muziektherapeuten, levensverhalenschrijvers  en huiskamerbegeleiders. Er zouden vanuit Waardigheid en Trots “schrapsessies” georganiseerd worden om onnodige regels in verpleeghuizen te schrappen!

Belevingsgericht werken moest in 2019 “persoonsgericht” worden. De klinische sfeer moest huiselijk worden in ieder verpleeghuis. De dossiers moesten voorzien worden van “levensverhalen”, biografieën van iedere bewoner om aan de hand daarvan echt een op maat gemaakt individueel zorgplan te kunnen opstellen. En iedere medewerker, ook flexkrachten zouden in één oogopslag in het dossier een korte instructie over bejegening en eigenaardigheden van iedere bewoner moeten kunnen vinden. Allemaal ontzettend zinnig en ook heel logisch. Maar persoonsgericht is ook: je eigen vertrouwde leefpatroon handhaven. De oud-agrariër of broodbakker die in het verpleeghuis belandt wil om 5 uur zijn ontbijt terwijl de oud-horecamedewerker dat pas om 11 uur wil. Meneer Jansen wil zich bezatten na de overwinning van zijn favoriete voetbalclub. Kan, mag of moet dat in ieder verpleeghuis?

Er kwam uitbreiding van de eerstelijn met een nieuwe manier van bekostiging, registratie en organisatie.

En toen kwam een nieuwe tijd: het Coronavirus bracht ons wekelijks nieuwe protocollen van onze beroepsverenigingen, het RIVM en de overheid. Protocollen die zo vaak aangepast worden dat in ieder verpleeghuis heel veel vergaderd en geïmproviseerd moet worden. Elk verpleeghuis heeft crisisteams opgericht met extra overleggen voor aandachtsfunctionarissen, uitvoerenden, managers en inkopers

En dan moest tijdens de Coronacrisis natuurlijk ook  nog de Wet Zorg en Dwang geïmplementeerd worden. Nu we ¾ jaar met deze wet werken zien we dat het veel meer tijd en verantwoording kost. Het stappenplan in de WZD vergt een grotere organisatie dan de evaluaties van middelen en maatregelen in de BOPZ. En er moeten meer mensen bij betrokken worden dan in de BOPZ en veel meer hokjes ingevuld.

Alles wat nieuw of anders wordt in een verpleeghuis vergt herschrijving van processen en protocollen veelal vooraf gegaan door een werkgroepje. Er ontstaan logistieke en dus organisatorische uitdagingen waar allemaal regeltjes aan vastzitten.
Zorgprofessionals kost dat dan toch meer niet-patientgebonden tijd. Dat heet dan “de professional in the lead” en “registratie aan de bron” omdat de professional zelf verantwoordelijk wordt gemaakt voor deze processen en zorgvormen.

Toch kwamen er ook minder regels voor bij voorbeeld cliënten die meerzorg behoefden. En terminale zorg hoefde niet meer vooraf door het CIZ goedgekeurd te worden. En de IGJ hoeft niet meer geïnformeerd te worden bij inzet van dwangbehandeling.

Doordat de zorg en met name de ouderenzorg voor de overheid een enorme kostenpost vormt wordt er elk jaar gepoogd de zorg beter in toom te houden. Er komen elk jaar nieuwe tarieven, indicatoren, subsidies en prikkels in een poging de kosten doelmatiger in te kunnen zetten en marktwerking te bevorderen. Maar de kosten blijven stijgen. En dus komen er telkens nieuwe plannen om weer op een andere manier de ouderenzorg te hervormen en concurrerender te maken. En elk nieuw plan kost helaas nieuwe regels.

Bureau Berenschot heeft recent namens Actiz geteld aan hoeveel regels het verpleeghuis zich moet houden. We praten dan over externe regels, dus van buitenaf opgelegd. Het zijn er 451.

Vierhonderdeenenvijftig!

Daar is een professional 35% van zijn tijd aan kwijt, terwijl diezelfde professional maximaal 23% acceptabel  vindt. Dit verschil staat gelijk aan 25.000 fte extra ‘handen’ wat zou neerkomen op 1.26 uur meer tijd per cliënt per week.

Ik ben benieuwd met welke regels de overheid komt om deze spagaat te overbruggen.

Karel Kamperman

Meer columns lezen? Op de hoogte blijven van het laatste nieuws en ontwikkelingen in het vak? Schrijf je dan in voor onze nieuwsbrief:

Aanmelden nieuwsbrief extern
reCAPTCHA