Wijzen op kleine risico’s en geluidsopnames

By 12 december 2019april 1st, 2020Nieuws

Informatieverstrekking aan patiënten vraagt van de arts steeds weer een afweging. Kleine risico’s bijvoorbeeld, wijs je de patiënt daarop? En moet het schriftelijk? Mag de patiënt het gesprek opnemen? In deze column hierover een korte opfrisser.

Niet ongerust maken of juist wijzen op alle kleine risico’s?

De WGBO stelt dat je de patiënt bij een behandeling moet wijzen op ‘de te verwachten gevolgen en risico’s.’ Hem of haar wijzen op álle risico’s is echter ondoenlijk. En onwenselijk. Zo stelde het Centraal Tuchtcollege in 2001 nog dat je een patiënt ook weer niet nodeloos ongerust moet maken. Achttien jaar later, op 14 maart 2019, lijkt het Centraal Tuchtcollege een kentering te hebben ingezet. Het College oordeelde namelijk dat er in Nederland ‘een tendens is te zien, waarbij meer openheid en voorlichting over kleinere risico’s op ingrijpende gevolgen van een ziekte of behandeling wenselijk wordt geacht.’ Toch blijft het ingewikkeld. Er is nu eenmaal geen harde grens aan te geven wanneer een risico zo klein is, dat het niet gemeld hoeft te worden. Voor artsen is het echter goed te weten dat wanneer de gevolgen groot zijn, het wijzen op ook (zeer) kleine risico’s steeds wenselijker wordt geacht.

Recht op schriftelijke informatie

Bij vergeetachtige ouderen kan het wijzen op alle kleine risico’s voor verwarring zorgen. Daarnaast is het voor een specialist ouderengeneeskunde vaak vooral van belang dat de kern van de boodschap aankomt. Een opsomming van bijzaken kan die boodschap vertroebelen. Zijn er toch veel noemenswaardige kleine risico’s te melden, overweeg in dat geval de patiënt daarvan een lijstje mee te geven. Als geheugensteuntje. Op hetzelfde briefje kan dan meteen de kern van de boodschap nog eens worden herhaald.

Verplicht is dat niet. De WGBO is immers glashelder over het geven van schriftelijke informatie: (alleen) als de patiënt dat wil, moet de arts de informatie schriftelijk verstrekken. De inhoud en vorm overleg je met de patiënt. Wil hij of zij echter álles op papier en vormt dat voor jou als arts een (te) grote belasting? Bespreek dit dan met de patiënt. Kom je er toch niet uit, bel mij dan vooral even om daarover te sparren.

Geluidsopnames zijn toegestaan

Bij vergeetachtigheid kan je de patiënt ook de optie bieden het gesprek even op te nemen. Is het juist de patiënt die het gesprek wil opnemen, dan mag je dat als arts in principe niet weigeren. Vraag wel goed door. Wil de patiënt een geluidsopname vanuit wantrouwen, dan moet het gesprek vooral dáárover gaan. Wil de patiënt met de opname een naaste informeren? Dan is het misschien beter deze naaste bij de (volgende) afspraak in persoon aanwezig te laten zijn.

Weet overigens dat de KNMG over geluidsopnames een tekst heeft gepubliceerd om in spreek- of wachtkamers op te hangen. Deze tekst nodigt daartoe uit. Hij wijst patiënten er echter ook meteen op dat de opname alleen voor privégebruik dient. Ook verzoekt het de patiënten de opname vooraf bij de arts aan te kondigen.

Heimelijke opnames en het tuchtrecht

Is de opname (toch) niet aangekondigd en is het gesprek stiekem door de patiënt opgenomen? Dan is het tuchtrecht helder: hoewel het van fatsoen getuigt de arts over de opname te informeren, worden ook geheime opnames als bewijs in een tuchtzaak toegelaten. In een uitspraak van januari 2019 voegde het Centraal Tuchtcollege daar zelfs aan toe, dat niet valt in te zien waarom het gesprek anders zou zijn verlopen wanneer je als arts van de geluidopname afwist. Dat laatste lijkt mij persoonlijk voer voor debat.

Over Anne:
Mr. A.J.F. Vokurka-Viruly (Anne) is advocaat gezondheidsrecht bij ScheerSanders advocaten en een van de huisadvocaten van ZBVO.